Provincie en nv De Scheepvaart serveren studie over watertappingen

In de schoot van de waterschappen ‘Grote Nete, Molse Nete en Grote Laak’ en ‘Bovenlopen Kleine Nete’ starten de provincie Antwerpen en nv De Scheepvaart een studie over taplopen die water opnemen uit het Kanaal naar Beverlo te Mol, Balen en Lommel.

Water tappen

Met biertjes tappen heeft dit niets van doen. Taplopen vervoeren immers water. “Meestal wordt dit water via een watervang uit een kanaal afgeleid naar het achterliggende land en dit o.a. in functie van de bevloeiing van landbouwgronden of het op peil houden van vijvers,” legt Rik Röttger, gedeputeerde voor Leefmilieu van de provincie Antwerpen, uit. “Het zijn dikwijls complexe, nog onvoldoende gekende en kwetsbare watersystemen met een groot hydrologisch en ecologisch belang waarvan sommige geleidelijk aan in onbruik raken.”

Op het Kanaal naar Beverlo, beheerd door nv De Scheepvaart, zitten verschillende watertappingen. Een deel van het uit het kanaal onttrokken water heeft een duidelijke economische functie om bijvoorbeeld de naburige landbouwgronden te bevloeien of voor het kweken van vissen. Uiteindelijk zou dit water terug in een kanaal moeten stromen, maar een groot deel van het getapte water komt in een aantal overstromingsgevoelige waterlopen terecht, zoals o.a. de Scheppelijke en Molse Nete.

Beheer

De Scheppelijke en Molse Nete worden beheerd door de provincie Antwerpen, en we stellen vast dat deze waterlopen vaak met verhoogde waterstanden te maken hebben, vermoedelijk o.a. door de watertoevoer vanuit de talrijke taplopen in de regio,” aldus Rik Röttger De taplopen zelf worden beheerd door de verschillende vergunninghouders, vaak echter met tegengestelde belangen.

Zo geeft de gewenste hoeveelheid water op een bepaald tijdstip in dezelfde taploop geregeld aanleiding tot discussie. Nv De Scheepvaart probeert als neutrale instantie de watertappingen aan het kanaal zelf zo goed mogelijk af te stemmen op de wensen van de aangelanden.

Inventarisatie

Inmiddels is het studiebureau Arcadis aangesteld om de taplopen te inventariseren met als doel ze uiteindelijk te kunnen behoeden voor verdere verwaarlozing en/of een ongewenst beheer. Veel van deze taplopen vormen namelijk een ecologische niche voor zeldzame soorten (bv. beekschaatsen-rijder en bosbeekjuffer) die vaak heel specifiek zijn voor de regio. “De uitgebreide studie is goed voor een investering van 162.000 euro, waarvan 75% door de provincie Antwerpen en 25% door nv De Scheepvaart wordt gedragen, en moet duidelijkheid scheppen in het hydraulische effect van de taplopen, rekening houdend met hun economisch belang en cultuurhistorische waarde. Zo kunnen we uiteindelijk een beheerplan opstellen dat aan de vraag van alle gebruikers voldoet. Een minimale druk op het watersysteem met behoud van zeldzame ecosystemen zijn daarbij prioritair,” besluit Rik Röttger.



geplaatst op
dinsdag 29 11 2011

1/17